Een methode wordt gekenmerkt door een denkwijze, een modelleringswijze, een werkwijze, een beheerwijze, en een ondersteuningswijze (zie figuur):

  • denkwijze: de manier van denken waarop de methode gebaseerd is (o.a. dienstverlening, People, Product, Technology, functiescheiding)
  • modelleringswijze: de beschrijving van de inhoud van de methode (o.a. zuivere processen, procedures en werkinstructies, organisatiestructuren, relatieschema’s)
  • werkwijze: de beschrijving in hoofdlijnen van hoe men te werk gaat (projectmatig, gestandaardiseerd)
  • beheerwijze: de wijze waarop de uitvoering van een traject wordt beheerd en bewaakt (invoeringsplan, mensgerichte coaching, rapportages, metrieken, stapsgewijze groei, standaardinstrumenten)
  • ondersteuningswijze: de gereedschappen die de methode ondersteunen (opleidingen & games, BPM-tools, servicemanagementtools, normen, instrumenten)

Eisen aan een methode 
Een adequate methode voor servicemanagement dient:

  • dienstverlening centraal te stellen
  • procesgericht te zijn, maar ook aandacht te besteden aan organisatie en technologie
  • zuivere processen te bevatten
  • een geïntegreerd geheel te zijn
  • functiescheiding te ondersteunen
  • een heldere modelleerwijze te hebben
  • eenvoudig en begrijpelijk te zijn
  • gebaseerd te zijn op heldere uitgangspunten
  • een breed draagvlak te hebben
  • ondersteund te worden door voldoende hulpmiddelen
  • praktisch toepasbaar te zijn

Methodes versus best practices 
Het toepassen van zo’n methode beperkt de inrichtingsinspanning van een dienstverleningsorganisatie en ondersteunt de consequente toepassing, waardoor de kans op langdurig succesvolle dienstverlening aanmerkelijk vergroot wordt. Veruit de meeste 'methoden' blijken in de praktijk vooral referentiemodellen te zijn die op basis van best practices zijn opgesteld. Om die reden zijn zuiverder servicemanagementmethoden ontwikkeld.

Methodes in de praktijk 
De toepassing van servicemanagementmethodes op afgebakende disciplines heeft vervolgens geleid tot zeer praktische methodes: de ISM-methode voor IT-beheer, de FSM-methode voor Functioneel Beheer. In andere disciplines kan de methode afgestemd worden op de daar geldende omstandigheden en objecten. Voor dat doel is de generieke USM-methode ontwikkeld, die toepasbaar is op alle serviceorganisaties, en van grote waarde kan zijn in bijv. ketenmanagement-situaties, interdisciplinaire dienstverlening of shared services organisaties.